← Inhoudsopgave

Woordvorming · uitleg

Woordvorming in zinnen

  1. 1Uitleg
  2. 2Oefenen
  3. 3Toets

Het examenformat: maak van het grondwoord de vorm die in de zin past. Vraag je steeds af: welke woordsoort heb ik hier nodig?

1. Bepaal de woordsoort

Zelfstandig nw, bijvoeglijk nw, bijwoord of werkwoord?

  • a careful answer (bijv. nw)
  • drive carefully (bijwoord)

2. Kies het juiste affix

Een voor- en/of achtervoegsel.

  • danger → dangerous
  • possible → impossible
  • decide → decision

Let op Soms heb je een voor- én een achtervoegsel nodig.